Van Driel: ‘Ik weet nog niet of ik de Olympische Spelen haal’

Door: Rick van de Lustgraaf Categorie: ACTUEEL, Hoofdklasse, Nieuws 2019, Tokyo 2020
Berry van Driel in actie voor zijn Curaçao Neptunus (Foto: Rob Jelsma)

Het zal niemand verbazen dat Curaçao Neptunus na eerste fase van de Hoofdklasse weer ruimschoots aan kop staat. De Rotterdamse club hoopt voor het zevende achtereenvolgende jaar de titel te pakken, wat tevens een evenaring van het clubrecord zou betekenen. De gelouterde Berry van Driel is ondanks de koppositie nog niet helemaal tevreden met het spel van zijn ploeg en volgens hem mag men nog meer verwachten van Neptunus.

Die zevende titel gaan jullie gewoon pakken toch?
“Bij Neptunus spelen we ieder jaar voor de titel en voor de Europa Cup, dus daar gaan we wel voor. Qua resultaten zijn we goed begonnen en we staan weer mooi bovenaan, maar het spel kan nog wel beter. Als we straks weer Europese wedstrijden hebben moet het wel wat beter, maar we hebben nog even om daar naartoe te groeien. In de Hoofdklasse gaat het weer tussen Amsterdam en ons, maar ik ben toch ook wel onder de indruk van teams daaronder, zoals Quick.”

Jullie hebben de laatste jaren in ieder geval nationaal alles gewonnen en hadden een erg sterke ploeg. Blijft het hoge niveau in stand?
“We hebben wel wat wisselingen gehad en je ziet dat jonge jongens nu ook hun kansen grijpen. Neem bijvoorbeeld Misja Harcksen, die vorig seizoen nog een jaar bij Twins speelde. Hij krijgt nu de kans en doet het heel erg goed, dat is mooi om te zien. Verder hebben we nu een iets kleinere selectie, maar al met al is het niveau vergelijkbaar met vorig jaar.”

Verder speel je nog altijd bij Oranje. Wat verwacht je van dit jaar?
“Het is inderdaad een gigadruk jaar met ook belangrijke wedstrijden met het Koninkrijksteam. We gaan natuurlijk voor een plek bij de eerste vijf op het EK en winst in de kwalificatie voor de Olympische Spelen. In de loop der jaren is veel veranderd bij de selectie, maar we hebben nog altijd een goed team. Ik weet niet of ik er tijdens de Olympische Spelen nog bij ben, maar het zou natuurlijk erg mooi zijn.”

‘Honkbal moet weer vaker op tv, dáár valt de echte winst te behalen’

Hij behoort al ruim een decennium tot de top van het Nederlandse honkbal, maar ook voor Van Driel komt het einde van zijn lange sportcarrière in zicht. Vanaf de zomer van 2018 is de pitcher van Neptunus naast honkballer ook actief als de commercieel manager van de KNBSB. De opmaat voor zijn nieuwe leven.

Van Driel, voorheen werkzaam bij de gemeente Den Haag, merkt dat zijn nieuwe functie al wat ten koste gaat van zijn prestaties op het veld. “Het werk zorgt er wel voor dat ik wat minder trainingsuren kan draaien, maar ik kon deze kans niet laten liggen. Vooral met het oog op de periode na mijn honkbalcarrière is dit heel goed, want ik kom nu toch op een leeftijd dat het fysiek en ook wel qua ambitie al wat minder wordt.”

Deelname aan de Olympische Spelen volgend jaar zomer zou mogelijk kunnen dienen als gedroomd afscheid, maar het is nog maar de vraag of het zover komt. “Ik bekijk het nu echt van jaar tot jaar en ik kan nog absoluut niet zeggen wat ik volgend seizoen doe.”, verklaart Van Driel, die het van groot belang vindt dat de Hoofdklasse voorzien blijft van enkele routiniers, die het niveau op peil moeten houden.

“Je ziet vandaag de dag steeds minder veteranen lopen die de jonkies op sleeptouw kunnen nemen. Spelers stoppen op jongere leeftijd en dat vind ik wel opvallend. Dat was tien jaar geleden nog niet zo. Ik weet het niet, maar misschien past het drukke honkbalschema wel niet meer bij deze maatschappij. En er is natuurlijk ook minder geld te verdienen.”

Aan Van Driel dan de taak om in zijn nieuwe functie meer sponsoren warm te maken voor honkbal, om zo meer geld te verdienen? “Nou, mijn taak is het binnenhalen van geld voor de nationale teams en jeugdteams, dus niet voor de clubs. Maar ik merk in mijn werk al wel weer een stijgende lijn wat betreft interesse in honkbal. We krijgen steeds meer bedrijven gekoppeld aan de sport.’’ Als commercieel manager heeft Van Driel al concrete ideeën paraat om honkbal bekender te maken bij een groter publiek. “We moeten investeren in onderwijsprogramma’s en we moeten ook weer vaker op tv komen. Dáár valt de echte winst te behalen. Hoe vaak zie je honkbal nu op tv? Bijna nooit. Dat moet veranderen en daarover zijn wij nu met meerdere partijen in gesprek.”

Reageren op dit artikel? Stuur een bericht via het contactformulier.

Trefwoorden:

Verwante artikelen