Fraccari: ‘Olympisch honkbal is mijn overwinning’

Door: Pim van Nes Categorie: Italië, Nieuws 2016

051016_ricardo_fraccari_wk_dames_honkbal

“Olympisch honkbal is mijn overwinning!” Zo kopte de Gazzetta dello Sport nadat de Italiaanse journalist Stefano Arcobelli had gesproken met de voorzitter van het mondiale honkbal en softbal, Riccardo Fraccari. De voormalige honkbalscheidsrechter was natuurlijk verheugd dat Tokyo de Spelen van 2020 kreeg toegewezen en dat Tokyo graag honkbal en softbal wil organiseren bij die gelegenheid. Daarna moet Fraccari echter hopen dat de Spelen van 2024 weer naar een land gaan waar ze het honkbal en softbal willen ontvangen, want inmiddels is duidelijk dat zijn eigen hoofdstad de Olympische kandidatuur heeft ingetrokken, omdat de stad Rome alleen al lijdt onder een schuld van € 130 miljard.

Daarmee is de terugkeer op het Olympisch programma nog maar incidenteel en moeten de World Baseball & Softball Confedaration (WBSC) en Major League Baseball (MLB) hun uiterste best blijven doen om een vaste plaats bij het IOC te krijgen. Daarbij speelt de confederatie van Fraccari ongetwijfeld een positieve rol, want de vraag of de beste profs van MLB mogen uitkomen bij Tokyo 2020 blijft nog steeds onbeantwoord.

Toch blijft het interessant te begrijpen, waarom Fraccari in eigen land zich presenteert als de overwinnaar van de Olympische campagne, die eindigde bij het groene licht in Rio de Janeiro. Wat komt daarvan boven water in het artikel in de Gazzetta dello Sport? We citeren Fraccari als hij antwoordt op de vraag hoe hij erin geslaagd is het IOC te overtuigen:

“Naast het financieel aspect, droeg eraan bij de blokkade van de ontwikkeling in landen zoals China, dat echter veel investeert. Sinds ik voorzitter ben, is mijn lijn om van honkbal een wereldwijde sport te maken. De fusie met softbal, waardoor we conform de IOC-wens met meer vrouwen kunnen uitkomen, heeft ons perspectief nog versterkt. Het IOC heeft onze route geanalyseerd, gezien hoe de twee bonden samenwerkten, hoe de profbonden betrokken werden en ons werk bergopwaarts naar de antidoping: nu wordt de WADA-code door alle partijen geaccepteerd, ook door het Amerikaanse MLB. De Verenigde Staten zullen meewerken, maar MLB is een olifant. Met de nieuwe commissioner Rob Manfred zullen we een intensievere dialoog voeren of ze hun competitie onderbreken voor de Spelen. Er is al een akkoord met alle profbonden en Japan heeft gegarandeerd hun activiteit stil te zetten.”

Aftreden

Riccardo Fraccari overhandigt een handschoen aan IOC-voorzitter Thomas Bach.
Riccardo Fraccari overhandigt een handschoen aan IOC-voorzitter Thomas Bach.
Foto: © IOC

De 67-jarige Fraccari is in eigen land bezig met de laatste lastige lootjes als voorzitter van de Italiaanse bond. Zeker is dat hij zal aftreden, maar net zoals bij Brexit is de datum van Frexit nog onzeker. Achter zijn rug wordt een duister schimmenspel opgevoerd over de opvolging op het bondsbureau in Rome. Als het zijn huidige plaatsvervanger Massimo Fochi wordt, dan blijft het een in Italië geboren honkbaltelg zoals alle voorgangers van Fraccari.

Anders krijgt de FIBS in de voorzittersstoel misschien de sterke man van het buitenlandse San Marino: Alberto Antolini, die op de Honkbalsite al aan het woord kwam in de aanloop naar de European Champions Cup, die dit jaar moest worden georganiseerd door Rimini en San Marino. De derde kandidaat is de in Canada (Montreal) geboren Andrea Marcon, scheidsrechter en promoter van softbal in Italië, die geroemd wordt door de Europese softbalvoorzitter Andre Overbeek.

Vaderlandse jeugd

Nu alle Venezolaanse en andere buitenlandse spelers uit Italië zijn vertrokken en de herfst al een maand bezig is, krijgt de vaderlandse jeugd de ruimte op de honkbalvelden. De FIBS houdt een U21-competitie van twee weekeinden in vier grote steden. Op zondag 9 oktober komen elf regionale selecties elkaar tegen op velden in Rome (2), Bologna (3), Verona (3) en Turijn (3). De vier winnende teams komen het weekeinde daarna weer bij elkaar op een plek, die nog nader door de bond moet worden aangewezen.

Daar wordt dan op zaterdag en zondag gespeeld om het landskampioenschap voor die leeftijdscategorie. Als die spelers ouder worden, moeten ze opboksen tegen oudere buitenlandse spelers, die geïmporteerd en betaald worden en daarom voorrang krijgen boven de eigen kweek. Huidige bondscoach Marco Mazzieri doet zijn best om zo veel mogelijk Italiaanse jongens in de nationale ploeg op te nemen, maar zijn pitchers zijn nog steeds merendeels geïmporteerd.

Interlands

De eigen bloedarmoede wordt wellicht onbedoeld geïllustreerd door een nieuw artikel op de officiële website van de Italiaanse bond. Hoewel tegenwoordig veel meer interlands worden gespeeld, blijken inmiddels gestopte spelers uit vervlogen jaren de meeste wedstrijden op een Europees kampioenschap te hebben gespeeld. De pitcher met de meeste innings op een EK is de vorig jaar op 84-jarige leeftijd overleden Giulio Glorioso met 143 1/3 inning over 26 wedstrijden, waarvan dertien wins, dankzij 193 strikeouts en een verdiende puntengemiddelde van 1.88.
Op respectabele afstand wordt hij gevolgd door de eveneens pure Italiaan Paolo Ceccaroli met 65 2/3 inning over vijftien wedstrijden, waarvan vijf wins, dankzij 38 strikeouts. Ceccaroli is ook al meer dan twintig jaar geleden gestopt en coacht tegenwoordig een club op tweede niveau. De eerste en enige nog actieve pitcher is nota bene een Dominicaan: Carlos Richetti op de vijfde plaats met 44 1/3 inning.

Onder de slagmannen van Italië wordt de ranglijst aangevoerd door de eerstehonkman Ruggero Bagialemani met 59 EK-wedstrijden. Op de tweede plaats staat Guglielmo Trinci met 51 wedstrijden en op de derde plaats de enige nog actieve Italiaan: de voor Hoofddorp geblesseerde Mario Chiarini met 46 wedstrijden. Verder staan in dit overzicht memorabele namen van al lang gestopte pure Italianen, zoals Roberto Bianchi (44), Gianmario Costa (40), Roberto de Franceschi (39), Alberto d’Auria (37), Marco Ubani (36) en Giuseppe Carrelli (36).
Achter de top 10 van deze ranglijst staat nog een actieve speler: de Venezolaan Jair Ramos, die volgens de honkbaladministratie al 45 jaar oud is, maar volgens Italiaanse ingewijden eigenlijk nog wel vier of vijf jaar ouder is. In Hoofddorp deed hij vrolijk mee als aangewezen slagman, door zijn ploeggenoten aangemoedigd als Padrino (de peetvader).

Reageren op dit artikel? Stuur een bericht via het contactformulier.

Verwante artikelen