sitemap    

Pioniers winnaar van Summer League

Pioniers heeft zijn tweede hoofdprijs van dit seizoen veroverd. De Hoofddorpse honkballers kregen op de laatste speeldag van de Summer League de eerste plaats in handen. Pioniers liet in deze, door de KNBSB nieuw ingevoerde, zomercompetitie landskampioen Neptunus en Twins achter zich. Eerder dit jaar won Pioniers ook al de Europese Super Cup en eindigde de ploeg op de tweede plaats tijdens het Europa Cup II-toernooi.
Auteur: RedactieGeplaatst op: 29-08-2004, 16.00 
In verband met de Haarlemse Honkbalweek en de Olympische Spelen moest de competitie gedurende lange tijd stil worden gelegd. Om de 'achterblijvers' toch in staat te stellen hun conditie op peil te houden, stelde de KNBSB een zomercompetitie in. Nadat Kinheim had bedankt voor de eer werd in Jong Oranje een goede vervanger gevonden. Het nationale AAA-team kon de Summer League goed gebruiken als voorbereiding op het aankomende wereldkampioenschap.

De Summer League bleek al direct op de openingsdag geen gewone competitie te worden. In de eerste wedstrijd boekte Twins, in de reguliere competitie laatste, een shutout op landskampioen Neptunus. Niet alleen wist Neptunus op het werpen van Elton Koeiman en Kevin Roovers niet te scoren, maar kwam de ploeg zelfs niet verder dan één honkslag van Raymon Heystek.

Sterkste

Twins wist zich zodoende door overwinningen op Neptunus, Jong Oranje, Sparta/Feyenoord en Amsterdam Pirates bij de topploegen te nestelen. De ploeg ging zelfs even aan de leiding. Uiteindelijk bleek Pioniers toch de sterkste. De Hoofddorpse ploeg verloor slechts één wedstrijd. Alleen Jong Oranje was Pioniers te slim af: 1-6. In dit duel kreeg Maarten Mulder, normaliter werper bij het tweede team van HCAW, in ruim vier inningen geen enkele honkslag tegen.

Met nog één wedstrijddag te gaan, ging Neptunus aan de leiding. De Rotterdamse ploeg had in zes wedstrijden negen punten verzameld. Twins, Jong Oranje en Pioniers volgden met acht punten uit zes duels. Hiermee kreeg de Summer League een spannende ontknoping.
Neptunus had voldoende aan zeges op Jong Oranje en Amsterdam Pirates om de eerste plaats op te eisen. Van Jong Oranje werd nog wel met 11-3 gewonnen, maar hierna gooiden de Amsterdamse honkballers roet in het eten. Pirates won met 2-5. Eerder op de dag had de Amsterdamse ploeg ook al Jong Oranje met een 5-4 overwinning van de eerste plaats gehouden.
Twins zag zijn hoop op de titel eveneens in rook opgaan. De ploeg uit Oosterhout had met de haven in zicht vrij weinig geluk. Tegen zowel HCAW als Tornado's werd met 1-1 gelijk gespeeld. Pioniers werd de 'lachende vierde'. De honkballers van hoofdcoach Robert Klaver hielden wel het hoofd koel en passeerden na een 0-3 overwinning op Almere en een 2-4 zege op Sparta/Feyenoord alsnog zijn concurrenten om zo de titel op te eisen.

Achter Pioniers eindigde Neptunus op de tweede plaats. Twins werd derde, HCAW vierde, Jong Oranje knap vijfde, Amsterdam Pirates zesde, Almere zevende en Sparta/Feyenoord achtste.
Grote verliezer werd Tornado's. De Haagse ploeg, die voor een groot deel uit spelers uit het tweede team bestond, won slechts één wedstrijd in de Summer League. In het eerste weekeinde werd alleen met 3-1 van Amsterdam Pirates gewonnen. Verder speelde Tornado's eenmaal gelijk (1-1 tegen Twins). In acht wedstrijden scoorden de Haagse honkballers slechts negen punten en kregen zij 48 runs tegen. Uiteindelijk eindigde Tornado's op de negende en laatste plaats.

Opmerkelijk

De wedstrijden uit de Summer League duurden niet langer dan zeven inningen. Dit leverde soms opmerkelijke eindstanden op. Helemaal doordat er bij een gelijke stand niet werd verlengd. Hierdoor eindigden vijf wedstrijden in een gelijkspel, waarbij drie keer met een 1-1 eindstand. Zowel Pioniers, als Pirates en Twins speelden tweemaal gelijk.

Het was niet de enige opmerkelijke gebeurtenis. Veel teams stelden spelers op ongebruikelijke posities op. Zo werd bij Sparta/Feyenoord werper Erik de Rijcke ingezet als buitenvelder. Hij deed dat overigens heel verdienstelijk en kwam zelfs tot vijf honkslagen, waaronder één tweepitter en één driehonkslag. Het leverde hem een slaggemiddelde op van .455. Hiermee kende de werper aanvallend een beter toernooi, dan verdedigend. Als werper kreeg hij namelijk in ruim negen inningen negentien honkslagen en negen punten tegen. Hij gooide bovendien twaalf keer vier wijd.
Bij de Rotterdammers beklommen tevens binnenvelders Marvin Bleij, Marcel Buurman en buitenvelder Rutger Veugelers de heuvel. Bleij en Buurman gooiden beiden nog wel drie strikeouts. Veugelers verging het minder goed. Hij kreeg in zeven inningen elf honkslagen en tien punten tegen.

Meer nieuws