Kinheim ontbreekt in Summer League
Voor het eerst in de geschiedenis nemen de hoofdklasseteams dit seizoen deel aan een Summer League. Deze verkorte zomercompetitie gaat zaterdag 7 augustus van start. Niet alle ploegen uit de hoofdklasse nemen aan de Summer League deel. Kinheim heeft bedankt. De Haarlemse ploeg wordt vervangen door Jong Oranje.
 | | Auteur: Redactie | Geplaatst op: 01-08-2004, 20.00 |  |
Almere-voorzitter Wynand Riemslag kwam als eerste met het voorstel van de Summer League. Hij wilde op deze manier zijn spelers uit het eerste team van Almere tijdens de lange zomerstop, die in verband met de Haarlemse Honkbalweek en de Olympische Spelen van half juli tot en met eind augustus duurt, bezig houden. Bovendien zou op deze manier de kantine-opbrengsten op peil kunnen worden gehouden. Zijn idee werd opgepikt door de honkbalbond KNBSB en de Summer League was ontstaan.
Doordat teams als HCAW, Neptunus en Pioniers veel spelers moeten missen, die momenteel in actie komen voor het Nederlandse team, zullen zij voor de Summer League moeten teruggrijpen op spelers uit het tweede team.
Gerard Stenzler, general manager bij Kinheim, voelde hier echter weinig voor. Ook de spelers van Kinheim prefereerden in dat geval een langere periode vrij. "Als er toch een stop is, dan liever een deel vrij voor vakantie. Wij beginnen dan 20 augustus met een intensief trainingsprogramma", licht Stenzler toe, "iedereen is dan weer fris en gemotiveerd."
Voorkeur
Stenzler zijn voorkeur gaat uit naar een alternatief: "Gezien het beleid van het Nederlandse team denk ik dat het beter is om de zomerstop korter te houden als internationale wedstrijden in het buitenland worden gehouden. Voor die paar spelers die ook daadwerkelijk met het Nederlandse team deelnemen aan grote toernooien hoeft de competitie niet stil worden gelegd. De hoofdklasseclubs kunnen dan langer doorspelen. Je hebt bovendien de mogelijkheid om meer hoofdklassewedstrijden in één seizoen te spelen. Uiteindelijk is dat ook wat bondscoach Robert Eenhoorn graag zou zien."
Desondanks heeft Stenzler wel begrip voor het werk van Eenhoorn: "Ik vind het werk van Eenhoorn goed en begrijp zijn keuze, maar deze past absoluut niet in onze cultuur. Uiteindelijk komt de zorg voor de spelers en afvallers van het Nederlandse team bij de clubs terecht. De clubs horen niet benadeeld te worden in speeltijd of wel beperking van uitstraling voor sponsors die deze verzorging mogelijk maken."
Meer nieuws
|